Blog

dec 02

Nederlandse praktijk: grotendeels biobrandstoffen uit rest-en afvalstromen

In Nederland is in 2016 geen palm- of sojaolie ingezet voor biobrandstoffen. Dat blijkt uit de rapportages van de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa rapportage Energie voor Vervoer in Nederland 2016, 3 juli 2017).

Tweederde van de in Nederland ingezette biobrandstoffen vervangen diesel. De rest vervangt benzine.

De biobrandstoffen die diesel vervangen bestaan in Nederland voor 99,6% uit afval- en reststromen. Hun gemiddelde CO2-emissieuitstoot ligt 87% lager dan die van fossiele brandstoffen. Omdat het hier om afval- en restromen gaat, is er geen sprake van indirecte CO2 emissies als gevolg van eventuele landveranderingen, wat men ook wel aanduidt met de term ILUC.

Ethanol is de voornaamste biobrandstof als benzinevervanger. Suiker en zetmeel uit landbouwgewassen vormen momenteel de belangrijkste basis voor ethanol. Er zijn inmiddels ook fabrieken die ethanol maken waarvan de suiker uit houtachtige reststromen wordt gewonnen. De in Nederland ingezette ethanol komt voor meer dan 70% van landbouwgewassen uit Europa (mais, tarwe en suikerbiet).  En voor ongeveer 25% uit Noord-en Zuid Amerika (respectievelijk mais en suikerriet).  Deze biobrandstoffen leiden tot een CO2-emissiereductie van 65%, gebaseerd op standaardwaardes voorgeschreven door de Europese Commissie. Deze standaardwaardes zijn behoudend ingeschat. Als brandstofleveranciers de werkelijke waardes in de keten doorrekenen, dan pakt de CO2-prestatie waarschijnlijk gunstiger uit.

Met toerekening van de CO2-last van mogelijke landveranderingseffecten (ILUC) reduceren deze gewassen de CO2-uitstoot met 51%.  Deze waarde is bepaald op basis van de ‘provisional estimated’ ILUC emissiewaardes gepubliceerd door de Europese Commissie in annex V, deel A van richtlijn (EU) 2015/1513.

Zowel de biobrandstoffen die diesel als bezine vervangen in Nederland dragen bij aan het terugdringen van de CO2-emissies door het vermijden van fossiele brandstoffen. Daarnaast dient vermeld te worden dat groengas uit bijvoorbeeld rioolwaterzuivering, sterk groeiende is met een gemiddelde CO2-reductie van 78%.

Het Platform pleit voor CO2-sturing in het biobrandstofbeleid. En voor ketens waarin duurzaamheid gewaarborgd is. Nederland heeft duurzame biobrandstoffen nodig, met een sterke CO2-reductieprestatie om de CO2-uitstoot van de Nederlandse transportsector op korte termijn drastisch omlaag te brengen. Het is daarom zaak om grootschalig te investeren in duurzame biobrandstoffenketens.

Zie ook opmars van biobrandstoffen uit afval- en reststromen in Nederland