Nieuws / Opinie

okt 05

Platform-reactie op concept Regeling energie vervoer

Begin september 2021 publiceerde het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de Concept Regeling energie vervoer. dit als onderdeel van de Nederlandse implementatie van de Richtlijn Hernieuwbare Energie voor de periode 2022-2030. Eerder al is de Wet Milieubeheer aangepast, en binnenkort wordt het Besluit energie vervoer naar de Tweede Kamer gestuurd.

Stakeholders konden tot en met 4 oktober 2021 een reactie of zienswijze indienen, op basis waarvan het ministerie de Regeling mogelijk nog kan wijzigen. Per 1 januari 2020 zou de nieuwe Regeling van kracht moeten zijn.

Het platform heeft ook een reactie ingediend. In de inleiding van onze reactie schrijven we:“Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft ervoor gekozen om veel aspecten voor het leveren van hernieuwbare energie aan de Nederlandse markt te regelen of te definiëren op het niveau van de Regeling. Deze details kunnen echter zeer marktbepalend zijn en dat legt dan ook een grote mate van verantwoordelijkheid bij de uitvoeringsorganisatie om dit goed met de markt te overleggen. Het Platform stelt vast dat u in de toelichting aangeeft dat de gevolgen voor burgers, bedrijven, overheid en milieu nog niet gekend zijn. Dat vinden we opmerkelijk vanwege de verregaande extra controle die Nederland marktpartijen oplegt. Een gedegen analyse of de maatregelen wel proportioneel zijn lijkt ons noodzakelijk.” Lees meer details in de pdf.

In totaal zijn 38 reacties ingediend op de consultatiepagina van de rijksoverheid.

U kunt alle reacties hier vinden. De documenten van de regeling zijn hier te vinden. , en ook de tekst van de regeling vinden vie deze link.

Besluit en Regeling sturen aan op het bereiken van een (administratief) aandeel hernieuwbare energie in het Nederlandse transport van 27,1% in 2030. Administratief want de energiewaarde van hernieuwbare brandstoffen van biologische oorsprong (biobrandstoffen) mag dubbel geteld worden. Hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong (e-fuels) mogen met een factor 2.5 meetellen, hernieuwbare elektriciteit tellen 4 maal mee. Terugvertaald naar het fysieke volume komt het neer op een aandeel van ca. 13 a 14%, afhankelijk van de precieze inzet van de verschillende categorieën brandstoffen.